‘Laarsjes aan!’ ‘Learskes an!’

Een voorleesverhaal, voor in het boek van het boekengilde, dat wegens te weinig animo van schrijvers werd geannuleerd.
De Twentse versie is in de pen.

image

‘Laarsjes aan!’

‘Het heeft geregend’, roept mama nog als Ankie de keuken uitloopt. Ankie mag met papa mee, naar de stal. Er is gisteren een heel klein kalfje geboren en dat heeft extra melk nodig. Met een flesje, net als Ankie’s kleine broertje Luuk. Ankie vindt het spannend, want zo vaak mag ze niet mee naar de grote koeienstal. ‘Te gevaarlijk’, zegt papa altijd, als ze het vraagt, maar nu mag het omdat het kleine kalfje in een aparte stal staat. Mama komt haar straks weer ophalen, als ze kleine Luuk naar bed heeft gebracht.

Ankie trekt snel haar rode wollen sokken en haar laarzen aan. Papa staat al bij de achterdeur. ‘Ook je regenponcho, meisje, het regent nog steeds.’ Hij geeft haar de blauwe Jip en Janneke poncho die Ankie snel over haar hoofd trekt. Het is maar een klein stukje van de grote boerderij naar de koeienstal, maar ver genoeg om flink nat te worden. ‘Je lijkt zo, in de wind, wel een grote blauwe vlieger’, zegt papa. Ankie steekt haar armen wijd uit, papa tilt haar op en zwiert haar door de lucht. Zijn grote klompen klotsen door de plassen, Ankie giert het uit, veel te snel zijn ze bij de staldeur en zet papa haar weer op de grond. Als de poncho en papa’s regenjas aan het haakje hangen geeft Ankie papa een hand, ze houdt veel van dieren, maar de koeien zijn wel heel erg groot voor een meisje van net vijf jaar.

De meeste koeien eten rustig door als ze binnen komen, maar een enkele is nieuwsgierig en tilt haar kop op. ‘Dit is Klaartje’, wijst papa, ‘de mama van het kalfje.’ Ankie steekt haar handje uit naar de natte neus van de koe, ze is er bijna als ze zich bedenkt en toch kiest voor de mooie zwarte vacht op de hals. Klaartje draait haar kop en geeft gauw een lik met haar ruwe tong in Ankie’s nek. ‘Jakkie bah’, roept Ankie. Papa lacht,’ Ja, Klaartje is soms een beetje ondeugend.’ Dan lopen ze naar het kleine kalfje, dat bijna even groot is als Ankie. Het ziet er zo lief uit, Ankie knuffelt het beestje waar ze maar kan. Papa geeft het kalfje ondertussen het flesje en als het bijna leeg is mag Ankie het nog even vasthouden, maar het kalfje zuigt zo hard dat papa haar moet helpen. ‘We moeten nog een mooie naam bedenken Ankie, wel een stoere naam, want dit kleine kalfje wordt een forse stier.’ Ankie denkt na en mama die net binnenkomt zegt: ‘Max of Boris of,….. ‘. Dat laatste horen ze niet meer want mama schudt heel hard met de grote paraplu tot de druppels er af zijn.
‘Brutus’, zegt Ankie ineens, ‘net als in de Donald Duck.’

Ankie leest graag samen met papa de Donald Duck. Ze vindt de plaatjes prachtig en papa leest voor wat er in de praatballonnetjes staat, steeds met een ander stemmetje, zo leuk! Op haar verjaardag heeft ze van opa en oma Jansen een dwerghamster gekregen met mooie ronde oortjes. Net als Mickey Mouse, dus noemde Ankie hem Mickey. Oma zei nog, ‘Het is geen muis, het is een hamster’, toch bleef het Mickey.

‘Brutus’ zegt papa,’ dat is een mooie naam voor een stier’. Mama knikt instemmend en pakt het flesje van hem aan: ‘ Om drie uur een kopje koffie?’ vraagt ze. ‘Ja, lekker, tot straks’. ‘Tot straks papa’, zegt Ankie en geeft mama gauw een hand, ze moeten immers nog langs al die grote koeien.

Bij de staldeur trekt ze haar poncho weer aan en mama pakt de grote paraplu. ‘Nu niet treuzelen Ankie, we gaan rechtstreeks door naar binnen, want het is echt heel slecht weer’. Nou dat had mama niet hoeven te zeggen, het rommelt buiten en er flitst een bliksemschicht langs de donkere lucht, Ankie rent naar de deeldeur. Binnen, op de deel, is het zo donker dat mama het licht aanknipt. Ankie trekt haar laarzen uit, stopt haar rode wollen sokken erin, en de pantoffels aan. ‘Mag ik met Mickey spelen, mam. ‘ Ja hoor, ik zal alvast een appeltje snijden, kom jij straks een stukje voor Mickey ophalen?’ Ankie knikt, ze heeft de hamsterkooi al van de plank gehaald. Op de grond probeert ze het deurtje van de grote kooi open te peuteren, dat zit strak en soms moet ze mama roepen, maar nu lukt het meteen. Meestal komt Mickey al uit het huisje rennen als Ankie de kooi van de plank afhaalt, maar vandaag is de hamster niet zo vlug. Hij kijkt om het hoekje, rekt zich eens flink uit, gaapt uitbundig en wil zich weer omdraaien om naar binnen te gaan. ‘ Niks ervan Mickey’, zegt Ankie, ‘ papa zegt dat bewegen goed voor dieren is, en papa kan het weten, want papa is boer.’ Ze pakt de hamster op en zet hem in het molentje. Mickey loopt een paar stapjes en daar blijft het bij. ‘ Tjonge, jonge wat ben jij lui vandaag’. Ankie geeft het molentje een duwtje, maar Mickey verzet geen stap en blijft liggen. ‘ Nou, dan niet ‘, zegt Ankie, een beetje boos doet ze het deurtje dicht en loopt naar de keuken voor het stukje appel.

‘Mickey wil vandaag helemaal niet spelen, mama’, moppert ze. ‘Misschien houdt hij niet zo van dit donkere weer, dieren voelen dat heel snel aan. Breng hem maar een stukje appel en laat hem een beetje zijn gangetje gaan. Morgen is er weer een dag’. Ankie brengt het appelstukje naar de kooi, opent het deurtje en net als ze het stukje fruit erin heeft gelegd,….. KABOEM, een hele harde knal. Ze schrikt en rent naar de keuken. ‘Zo,’ zegt mama, ‘dat was een flinke donderslag, daar schrok jij zeker van? Luuk huilt ook, ik ga hem even halen.’ ‘Dan schenk ik drinken in’, zegt papa die net de keuken binnen komt, ‘doen we een spelletje?’ ‘Gezellig’, zegt mama en Ankie pakt alvast een doosje met Nijntje erop. Het blijft flink onweren de rest van de middag en de regen komt met bakken uit de lucht, maar in de keuken merkt niemand daar wat van, want onder het licht van de lamp wordt er een fanatiek potje memorie gespeeld.

Dan neemt de bui af, en wordt het lichter buiten. De lamp kan uit en mama begint met het eten. Als papa gaat melken loopt Ankie met hem mee naar de deel om te spelen. Terwijl ze schommelt, ziet ze ineens de kooi van Mickey op de grond staan. Ze schrikt, het deurtje staat nog open, helemaal vergeten, wat dom. Ze springt van de schommel af en struikelt bijna over haar eigen voeten. Ze kijkt in de kooi, geen Mickey, ze haalt het dakje van het huisje, maar ook daar zit Mickey niet in. Ankie moet bijna huilen, waar is hij nou, ze kijkt in het rond over de deel, maar ziet hem nergens. Ze rent naar de keuken, ‘Mama, Mama, Mickey is weg!’ ’ Hoe kan dat nu?’ , vraagt mama verbaasd. Terwijl ze haar handen afdroogt aan haar schort, loopt ze met Ankie mee naar de deel. ’Ik ben vergeten het deurtje dicht te doen,’ antwoord Ankie bedeesd, ‘hij wilde niet spelen en bleef in zijn huisje, nu is hij weggelopen!’ Ze begint zachtjes te huilen. Samen zoeken ze overal, maar vinden Mickey niet. ‘Ik moet nu echt verder met het eten, Ankie’, zegt mama terwijl ze bij de keukendeur Ankie’s omgevallen laarsje rechtop zet, ‘we zoeken na het eten wel verder. ’ Tijdens het eten hoort papa het hele verhaal. ‘Mickey kan nergens naar toe, meisje, straks halen we de bovenkant van de kooi en zetten vers voer neer, zeker weten dat jouw hamster vanzelf terugkomt’, troost hij Ankie. Maar ook later vinden ze Mickey niet. Als Ankie, nog een beetje verdrietig, naar bed gaat, beloofd papa haar vaak te zullen gaan kijken.

Later die avond hoort papa, als hij na een laatste ronde over het erf bij de keukendeur zijn klompen omruilt voor pantoffels, zacht gepiep. Hij kijkt om zich heen waar het geluid vandaan komt. Dan hoort hij het weer, vlak voor hem, hij kijkt naar beneden ziet de rode sok in Ankie’s laars bewegen, Mickey zal toch niet,….. Hij pakt het laarsje op, twee kleine kraaloogjes kijken hem aan. Gelukkig, papa zucht, de hamster is terecht, wat zal Ankie morgenochtend blij zijn. Hij pakt het laarsje en wil het beestje voorzichtig uit de laars schudden, maar Mickey zet zich schrap met alle vier zijn pootjes. Papa trekt aan de stuk gevreten sok die daardoor met een plop in het kooitje valt. Dan ziet papa tot zijn grote verbazing onder de hamster vier kleine roze hamsterlijfjes. Heel voorzichtig pakt hij de sok en legt het nestje voorzichtig in het huisje. Het dak weer op de juiste plaats en de kooi afgesloten. Glimlachend loopt hij naar de keukendeur en knipt de lamp van de deel uit. ‘Welterusten Minie Mouse’